Tekstblog: een onafhankelijk, online platform voor tekst- en communicatieprofessionals

 

Door: van Wout Sorgdrager Communicatie. Op Posted on 2 februari, 2012by

Don’t ditch the ‘ums’. Listeners need them. Dat staat in een artikel in Futurity, een onlinetijdschrift over wetenschap. Het artikel doet verslag van een onderzoek naar de meerwaarde van ‘ums’ in taalgebruik. Wat blijkt? Speeches die ‘ums’ bevatten, worden beter onthouden dan speeches die vloeiend gesproken worden. ‘Speechfillers’ noemt de wetenschapper in kwestie deze kleine onderbrekingen in het verhaal.


De onderzoeker van dienst heeft een mogelijke verklaring: met speechfillers doet de spreker een beroep op het geduld van de luisteraar waardoor die luisteraar beter zijn best gaat doen. Het is een interessante gedachte. Ik ben een denkend prater en heb die ‘ums’ hard nodig. Ik meen te weten dat mijn publiek daar niet altijd blij mee is. Cursisten moeten dan maar even geduld hebben. In ruil daarvoor krijgen zij telkens weer nieuwe, originele gedachten die zelfs ik nog nooit eerder had gedacht. Mijn vrouw heeft minder geduld met me. Als het haar te lang duurt, maakt zij mijn zinnen wel af. Het geheim van een goed huwelijk is dat je dat niet meer merkt. Of is dat het venijn van een lang huwelijk?

Doet er niet toe. Mij gaat het om de vraag: hebben we als schrijver ook dergelijke ‘ums’ tot onze beschikking? Kleine pauzes die de lezer als het ware aansporen om beter te lezen. Om beter op te letten. Ik denk het wel. Wie ‘pauze’ zegt als het over schrijven gaat, denkt allereerst aan ‘leestekens’. De komma, de puntkomma, de punt, het vraagteken en het beletselteken zijn perfecte speechfillers. Maar er zijn ook veel voegwoorden die als speechfiller kunnen functioneren. Columnisten zijn er gek op. Sylvia Witteman in de Volkskrant van maandag 30 januari:

Gratis uitrusten is tegenwoordig geen attractie meer, geloof ik. Trouwens, ik kom er nooit vandaan zonder geld uit te geven …

In Trouw schrijft Nico de Fijter:

Desalniettemin; een getuige had, laat op een avond, een donkerblauwe bestelbus – lichten uit – een bouwplaats op zien rijden.

Waarschijnlijk is de combinatie ‘voegwoord + pauzerend leesteken’ een ideale speechfiller. Maar er is nóg een speechfiller: het enkele woord. Martin Bril. Ik heb door omstandigheden geen Martin Bril-columnboek in huis maar op internet vind ik de volgende passage:

Hij veegde zijn handen droog aan een theedoek en gaf haar de menukaart. Ze sloeg er een snelle blik op, informeerde wat de soep van de dag was en liep intussen naar een tafeltje bij het raam.
Kippensoep.
Ze bestelde die soep, voegde er nog een pannenkoek met spek aan toe en ging zitten.

De kortheid van het enkele woord ‘kippensoep’ zorgt voor een heerlijke pauze. Even tijd om die kippensoep te ruiken. Even tijd om de behaaglijke warmte van het café te voelen.

Ik ontving van mijn gemeente Loppersum een foldertje over de gemeentelijke belastingen. Zonder speechfillers kent u dergelijke teksten wel. Maar nu die tekst mét speechfillers. Het is even wennen maar ik kan me voorstellen dat we binnen afzienbare tijd dit heel gewoon gaan vinden:

Heeft u een inkomen op bijstandsniveau? Tja, misschien heeft u dan ook wel een beperkt financieel vermogen. Waarschijnlijk komt u dan voor kwijtschelding in aanmerking. Kwijtschelding! Geen onroerendezaakbelasting, geen afvalstoffenheffing en geen rioolheffing … En een aanvraagformulier heeft u zo in huis!

Overigens. Zo’n artikel kom ik niet vanzelf tegen. Tekstschrijfster en wetenschapsjournalist Leonore Noorduyn attenteerde mij erop via Twitter. Zij leest alles.

Het artikel vind je hier.

 

Reacties

Geen reacties over “Speechfillers op papier”

Schrijf een reactie

Op deze pagina kunnen geen comments worden geplaatst.