Tekstblog: een onafhankelijk, online platform voor tekst- en communicatieprofessionals

 

Door: van Sabel Communicatie. Op Posted on 15 november, 2010by

Vergrootglas boven boekLees je een tekst dan weet je al snel of die tekst goed is of niet. Maar waarop baseer je dat oordeel? Let je alleen op spelfouten of beoordeel je ook op de structuur, de kwaliteit van argumenten en schrijfstijl? Er bestaan verschillende methoden om teksten systematisch te analyseren.  Naar welke tekstonderdelen kijken die methoden en hoe bruikbaar zijn ze voor tekstschrijvers?

Tekstanalyse is een must

Tijdens mijn studie Communicatie- en Informatiewetenschappen aan de Vrije Universiteit besteedden we veel aandacht aan tekstanalyse. Daarmee achterhaalden we zwakke of sterke punten van een tekst. Over de aanpak van zo’n analyse lazen we geregeld artikelen. Een dat me is bijgebleven is Tekstanalyse als evaluatie-instrument bij tekstherziening van Ted Sanders en José Sanders (1996). In dit artikel pleiten de auteurs ervoor om een tekst eerst grondig onder de loep te nemen voordat je aan het herschrijven slaat. Want, zo schrijven ze, vaak zijn de problemen in een tekst fundamenteel van aard en gaat het niet om oppervlakte-formuleringen. Tekstanalyse is nodig om wezenlijke problemen boven tafel te krijgen.

Tekstkwaliteit beoordelen in 5 stappen

Volgens Sanders en Sanders bestaat het ideale praktijkonderzoek naar tekstkwaliteit uit 5 onderdelen:

  1. contextonderzoek – Je achterhaalt de ontstaansgeschiedenis, het doel en de doelgroep van de tekst.
  2. inventariserend lezersonderzoek – Je vraagt de doelgroep naar onduidelijkheden en gevoeligheden.
  3. tekstanalyse – Je beschrijft inhoud, structuur, stijl en vorm, evalueert de effectiviteit en doet suggesties voor verbetering.
  4. herschrijven – Op basis van de vorige stappen herschrijf je de tekst.
  5. evaluatie in lezersonderzoek – Een experimenteel onderzoek waarin de originele tekst wordt vergeleken met de nieuwe.

Focus op tekstanalyse

Tekstanalyse is dus onderdeel van een breder onderzoek. In dit artikel focus ik alleen op tekstanalyse. Die stap laten Sanders en Sanders weer uiteenvallen in 3 activiteiten:

  1. Beschrijven – Je geeft een beschrijving van de tekst: hoe zit hij in elkaar? Dit doe je aan de hand van de centrale tekstkenmerken inhoud, structuur, stijl en vormgeving.
  2. Evalueren – Je beoordeelt de tekst. Daarbij let je op begrijpelijkheid, aantrekkelijkheid en overtuigingskracht. Je gebruikt hiervoor je intuïtie, adviesliteratuur en onderzoeksresultaten.
  3. Herzien – Je geeft aan op welke punten de tekst voor verbetering vatbaar is.

Verschillende analysemethoden beschikbaar

Tot nu toe lijkt tekstanalyse een overzichtelijk proces. Maar in de beschrijvingsfase geven Sanders en Sanders al aan dat er verschillende tekstonderdelen zijn die je in je analyse moet meenemen. Zelf concentreren ze zich vooral op de structuur van de tekst, omdat deze voor een belangrijk deel de effectiviteit van een tekst bepaalt. Maar je hebt meer mogelijkheden. Er zijn verschillende analysemethoden op de markt die je helpen om een tekst systematisch te analyseren. Een bekend voorbeeld is Henk Pander Maats Tekstanalyse, wat teksten tot teksten maakt (2002). Hij concentreert zich op de samenhang van zinnen en alinea’s. Dit is ook een van de analysemethoden die naar voren komt in Tekstanalyse, methoden en toepassingen (2009). Een boek dat recent verscheen onder redactie van Peter Jan Schellens en Michaël Steehouder. Het boek behandelt:

  • De functionele analyse – Hoe hangen structuur en inhoud samen met het doel en de doelgroep van de tekst?
  • De coherentieanalyse – Hoe ontstaat samenhang in een tekst en welke middelen hebben schrijvers daarvoor?
  • De retorische analyse – Welke middelen zet de schrijver in op zijn lezers te overtuigen. Passen die middelen in de tekst? En zijn ze effectief?
  • Argumentatieanalyse – Hoe hangen argumenten in een tekst samen en kloppen ze ook?
  • Genreanalyse – Houdt de schrijver rekening met genreconventies die gelden voor zijn tekst? En waarom kiest hij ervoor omdat te doen of er juist van af te wijken?

Wie aan de slag wil met tekstanalyse heeft dus nogal wat mogelijkheden. Hoe gebruik je ze in de praktijk?

Tekstanalyse in de praktijk

De analysemethode die staan beschreven in de boeken van Pander Maat en Schellens en Steehouder zijn zonder meer waardevol voor tekst- en communicatieprofessionals. Ze helpen je niet alleen om effectieve teksten te schrijven, maar leren je ook hoe teksten werken en helpen je adviezen voor klanten te onderbouwen. Beide boeken geven dan ook duidelijk aan dat ze geschreven zijn voor studenten, onderzoekers én professionals in de praktijk. Hoe nuttig ik de methoden ook vind, in de praktijk is het lastig om ze structureel toe te passen. De beschreven analyses zijn erg uitvoerig en bovendien: waar begin je? Het CCC-model van Jan Renkema (PDF) biedt uitkomst.

CCC-model structureert je analyse

Het CCC-model is een evaluatiemodel voor tekstkwaliteit. De basis van het model zijn 3 evaluatiecriteria:

  • Correspondentie – Zijn het doel van de schrijver en behoefte van de lezer op elkaar afgestemd?
  • Consistentie – Houdt de schrijver gemaakte keuzes de hele tekst vol?
  • Correctheid – Houdt de schrijver zich aan geldende taal- en spellingsregels?

Deze criteria gelden op 5 niveaus:

  • teksttype;
  • inhoud;
  • opbouw;
  • formulering;
  • presentatie.

Het resultaat is een model met 15 ijkpunten. Deze helpen je analyse te structureren. Daarbij geldt dat de punten onder ‘Correspondentie’ volgens Renkema het belangrijkste zijn.

Schematische weergave CCC-model

CCC-model vraagt om eigen inbreng en tekstkennis

Het CCC-model is een praktisch hulpmiddel, maar volg het niet blindelings. Zo is het model teksttype-onafhankelijk. Wat onder meer betekent dat het belang van de 15 ijkpunten per tekst kan verschillen. Structuur zal bijvoorbeeld extra zwaar wegen als je een instructie schrijft en een wetenschappelijk artikel hoeft niet zo aantrekkelijk te zijn als een advertentietekst. Bovendien moet je de ijkpunten ook specificeren voor het type tekst dat je beoordeelt. Punt 4: ‘Voldoende informatie’ moet bij en betogende tekst bijvoorbeeld inzoomen op de kwaliteit van argumenten. Uit onderzoek van Augustijn (1994) blijkt wel dat het model redelijk volledig is, maar het vraagt ook om de nodige inbreng en kennis van de beoordelaar.

Combineer het CCC-model met andere analysemethoden

Gebruik van het CCC-model leidt niet zonder meer tot een optimale analyse. Zoals Renkema zelf ook aangeeft is het CCC-model vooral bedoeld om je commentaar op teksten te structureren. Ga je aan de slag met het model? Wapen je dan ook met de nodige tekstkennis en volg je intuïtie. Tekstanalysemethoden zoals beschreven in de werken van Pander Maat en Peter Jan Schellens en Michaël Steehouder verscherpen je blik. De kennis van verschillende analysemethoden helpen je om de ijkpunten uit het CCC-model in te zetten voor de tekst die je wilt analyseren. Door het model van Renkema te combineren met andere analysemethoden zorg je voor een helder oordeel over de tekst. Zo leg je een goede basis om een tekst te herschrijven of feedback te geven op het werk van anderen.

Verder lezen

Reacties

2 Responses over “Tekstanalyse als onderdeel van je schrijfproces”

  1. […] Dit blogartikel was vermeld op Twitter door Tekstblog, Tekstblog. Tekstblog heeft gezegd: Maak #tekstanalyse deel van je #schrijfproces. Combineer #CCC-model en andere #analysemethoden voor optimaal oordeel. http://bit.ly/dc6ViW […]

  2. […] vraag: wat maakt een tekst goed? Uit eerdere artikelen op Tekstblog over tekstkwaliteit en leesbaarheid wordt in ieder geval één ding duidelijk: daar is geen kant-en-klaar antwoord op. […]

Schrijf een reactie

Op deze pagina kunnen geen comments worden geplaatst.